De Gevangenis

Laatst gaf ik weer mijn (intuïtieve) tekenles op een school. Toen de kinderen het lokaal binnen kwamen lopen zagen ze er al wat vermoeid uit, ondanks dat ze net kerstvakantie hadden gehad. Ze vonden dat ze veel te vroeg moesten opstaan en dat de vakantie veel te kort geduurd had. Ik was het volledig met ze eens. Ik liet ze eerst maar 5 minuutjes lekker uitklagen voordat we met het tekenen begonnen. Maar terwijl ze hun verhaal deden, riep één van de uit dat hij het nu echt zeker wist: school is een gevangenis.

Kleurenpad Tekenles

Hij had de kenmerken van een gevangenis opgezocht en op een rij gezet. En de kenmerken van school zoals hij dat ervoer en hij was tot de conclusie gekomen dat hij op een gevangenis zat in plaats van een school. Hij voelde zich als 10 jarige net een slaaf. Hij verdiende niet eens geld met al dat werk! Hij mocht niet in de ochtend naar de wc als hij moest; dat mocht alleen in de pauze. Hij kon niet eens beslissen over zijn eigen fysieke behoeften! En hij somde nog een hele lijst aan dingen op die wel of niet mochten. En hij vond dat dit niets met school en leren te maken had.

Terwijl ik de kinderen hun verhaal liet doen, stond ik een beetje voor een soort dilemma. Want ja, ik was het volledig met ze eens. Maar ja, zij moeten voorlopig de komende jaren nog naar deze gevangenis. Wat een vooruitzicht! Ik ging niet staan liegen. Ik vond dat ze gelijk hadden. Ik vertelde dat ik ook onwijs heb geworsteld met school en dat ik maar al te blij ben dat ik er klaar mee was. En dat ik het best heftig vind om mijn eigen zoon nu ook te zien worstelen. Dat het zo’n enorme stress oplevert.
Maar ik wilde ze ook zoveel mogelijk uitleggen dat scholen nu eenmaal ook iets moeten bedenken zodat het geen chaos wordt met al die kinderen bij elkaar. Als alle kinderen de hele tijd naar de wc moeten (misschien wel om weg te vluchten van de les) dan kunnen zij niet lesgeven.

Ik had ze willen vertellen dat ik, nadat ik school had afgerond, een nieuw soort school wilde oprichten, of in ieder geval thuisonderwijs wilde gaan doen voor mijn zoon of hem naar een ander soort school te sturen.
Maar de waarheid is, dat ik (nog) geen school heb opgericht of PABO heb gedaan om zelf juf te worden. In mijn eentje als alleenstaande moeder die vaak erg moe is, krijg ik het niet voor mekaar om thuisonderwijs te gaan doen. En het is mij ook niet gelukt om mijn zoon naar een ander soort school te kunnen sturen, dat wel meer bij hem zo passen. De meeste van dat soort scholen zijn particulier en onbetaalbaar. En dus onbereikbaar voor de meesten van ons.
Ik wilde kinderen hoop kunnen geven. Ik wilde een verandering kunnen aanbrengen en het anders doen. En toch loopt het nu zoals het loopt. Ondanks mijn bewustzijn erover. En tegelijk voelt het toch kloppend.
Want dingen hebben tijd nodig om te veranderen.

Maar terugkomend op de kinderen van de tekenles.
Ik moedigde ze aan om goed waar te nemen wat school naar hun idee en ervaring een gevangenis maakt en hoe dan naar hun idee school zou kunnen zijn. Wat zij zouden willen leren. Ik moedigde ze aan om zoveel mogelijk hun best te doen op school en die dingen te leren zodat zij zelf ‘later’ misschien een rol kunnen gaan spelen in het onderwijs. Wat voor vaardigheden zijn nu echt belangrijk om te kunnen doen wat ze willen doen.

Uiteindelijk gingen we maar over naar de tekenles. Ik liet ze een landschap tekenen. En een paar kinderen tekenden een school gevangenis. Het zag eruit als school, maar de ramen hadden tralies en om het schoolplein heen was een hek waar niemand uit kon. Ik mocht niets vertellen tegen hun leraar hierover. Het was topgeheim. Ze schaamden zich een beetje bij het idee dat hun leraar hier achter zou komen. Bang voor straf. Maar het moest echt getekend worden. Het was een hele opluchting dat dit eruit kon. En op die tekening hadden ze een geheime uitgang gemaakt. De uitgang ging onder het schoolplein door, naar het bos. Alleen kinderen zouden die uitgang weten. De uitgang naar een plek zonder regeltjes, zonder dichte muren. Een plek met frisse lucht, ruimte en een wereld zonder geld.

Ik was stiekem trots op ze. Omdat ze in ieder geval voelden dat ze geen slaven wilden zijn van het systeem. En dat ze -ondanks hun gevoel van gevangen zitten- toch zelf gingen nadenken. Gelukkig dachten ze zelf nog na!